Reizen voor de kunst
Kunstenaars in Italië tijdens de renaissance
Tijdens de renaissance ontdekten Nederlandse kunstenaars dat er in Zuid Europa iets bijzonders aan de hand was. In de vijftiende eeuw vertrok daarom een aantal van hen naar Italië. Terug in Nederland ontketenden zij een revolutie in de kunsten.
-
Gerard van Honthorst, 1625 (Bron: Wikimedia Commons)
-
Michelangelo Caravaggio, 1595 (Bron: Wikimedia Commons)
In de vijftiende en zestiende eeuw had de Italiaanse kunst een enorme voorsprong op die van andere landen. De renaissance (wedergeboorte) van ideeën uit de klassieke oudheid was daar begonnen en verspreidde zich traag over de rest van Europa. In de kunsten was de renaissance overal te zien: gebouwen werden in een nieuwe, klassieke stijl opgetrokken, tekenaars herontdekten het gebruik van perspectief en bij schilderijen werd met licht en schaduw geëxperimenteerd.
Veel schilders vertrokken naar Rome om daar nieuwe technieken te leren. Velen bezochten Michelangelo Caravaggio (1571-1610), de meester van de 'chiaroscuro', dat letterlijk de 'donker-licht'-techniek betekent. Een van de bezoekers was Gerrit van Honthorst (1592-1656), die zich snel de bijzondere licht-techniek eigen maakte en daarmee in Italië de erenaam 'Gherardo della Notte' (Gerard van de Nacht) verdiende.
Terug in Utrecht zocht Van Honthorst andere Italië-gangers op. Samen werden ze bekend als de 'Utrechtse Caravaggisten', die een grote invloed uit zouden oefenen op de Nederlandse schilderkunst. In Amsterdam zat een andere Italië-ganger, Pieter Lastman (1583-1633), die misschien nog net iets belangrijker was. Lastman was namelijk de leermeester van Rembrandt van Rijn (1606-1669), die de chiaroscuro-techniek tot zo'n grote hoogte zou brengen dat de kunst uit Nederland een duidelijk streepje voor had op die van Italië.
Bijdragen
Reacties
Laden...
Gerard
Michelangelo
Rembrandt
Zoeken naar items op Europeana