Atlassen van Blaeu: wereld binnen handbereik
In de zeventiende eeuw reisden Nederlanders de hele wereld over. Schippers, matrozen en soldaten deden dat natuurlijk per schip. Rijke handelaren vanuit hun luie stoel. Met dank aan de Atlas Major van de familie Blaeu.
Ontdekkingsreizen en handelscontacten hadden de wereld vanaf de vijftiende eeuw steeds 'groter' gemaakt. Land- en zeekaarten waren daardoor onmisbaar geworden, vooral voor zeelui. Omdat ook burgers geïnteresseerd raakten, ontstond er in de zeventiende eeuw een levendige handel in globes, plattegronden en atlassen.
Willem Janszoon Blaeu sprong daar op in. Hij was de beste cartograaf van zijn tijd, met een eigen drukkerij en uitgeverij in Amsterdam. De kaarten van Blaeu waren zeer geliefd en hij deed dan ook goede zaken. Na zijn dood in 1638 namen zoons Cornelis en Joan de drukkerij over. Het kaarten maken en handel drijven zaten ook hen in het bloed. Joan Blaeu legde alle tot dan toe bekende kaarten bij elkaar en maakte de ultieme wereldatlas van dat moment: de Atlas Major.
Vanaf 1662 was de atlas te koop. Het waren negen dikke boekwerken geworden, met daarin bijna 600 kaarten en 3.000 bladzijden tekst. Mensen smulden van de sensationele uitgave. Elk afzonderlijk deel was in rood leer gebonden en had goudbeslag op de kaft. Zo'n atlas moest iedereen hebben!
Snel werd de atlas een statussymbool. Echt actueel was de atlas namelijk niet. Het waren over het algemeen al eerder uitgegeven kaarten, die soms niet meer klopten, omdat nieuwe ontdekkingen er niet op stonden. Dit nam niet weg dat de kopers in de rij stonden. Onder anderen prins Willem III en koning Charles I van Engeland schaften een exemplaar aan. De hele wereld lag zo aan hun voeten op de leestafel.
Bijdragen
Reacties
Loading…
Joan
Willem
Jan
Evelyn
Zoeken naar items op Europeana