Top of this document
Go directly to navigation
Go directly to page content

Verhaal

Nederland, zwemland?

Zwemmen werd pas na 1920 groot

Rapporteer deze inhoud als ongepast

De eerste echte zwemschool in Nederland werd in 1830 opgericht, in Breda. Die was voor militairen bedoeld, die af en toe een sloot of kanaal over moesten steken.

In 1846 kreeg Amsterdam het eerste zwembad voor particulieren. Of eigenlijk: voor mannelijke particulieren, want vrouwen, kinderen beneden de twaalf jaar, dronkenlieden en honden waren verboden.

In de jaren daarna mochten dames steeds vaker wel naar het zwembad, mits voorzien van behoorlijke 'Badkleederen'. Al snel waren er allerlei dames-zwemverenigingen, zoals de Hollandse Dames Zwemclub uit Amsterdam met wel vierduizend leden.

Vanaf de jaren 1920 kwam er pas echt schot in het zwemmen voor alle Nederlanders. Tot dan toe was zwemmen weggelegd voor een enkeling. Maar iedereen moest toch kunnen zwemmen in een land met zoveel water?

Dat vond bijvoorbeeld Han Bierenbroodspot, die met zijn vrienden wilde waterpoloën, maar geen zwembad kon vinden om dat te doen. Daarom richtte hij sportfondsen op, waarmee hij geld inzamelde om zwembaden te bouwen.

Ook de overheid bemoeide zich ermee en gaf geld voor zwemles in schooltijd. Rond 1940 waren er in heel Nederland genoeg zwembaden, badmeesters en zwemlessen om iedereen te leren zwemmen.

Reacties

Voordat je reactie wordt geplaatst, vragen we je je aan te melden.
Velden met een * zijn verplicht.