Gedood in oorlog door 'friendly fire'
Op een slagveld waar krijgers elkaar met speren en bijlen te lijf gaan, blijft het aantal slachtoffers door vergissing beperkt. Pas met het groeien van de afstand tussen wapens en het uiteindelijke doelwit, groeide ook het risico op doden door 'eigen vuur'.
In de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) bijvoorbeeld werden maar liefst 75.000 Franse soldaten gedood door hun eigen kanonnen.
Na de Eerste Wereldoorlog veranderde de oorlogsvoering: vliegtuigen werden belangrijker en militairen bewogen zich in kleine groepen sneller voort. Ook verbeterde de communicatie tussen de samenwerkende militairen. Het aantal slachtoffers door 'friendly fire' daalde, maar dat het nog steeds mis kon gaan bleek tijdens de Nederlandse vredesmissie in Korea.
Op 14 februari 1951 probeerden Nederlandse troepen al twee dagen om 'heuvel 325' ten zuidwesten van de Koreaanse hoofdstad Seoul te veroveren. Rond zes uur openden vijf bevriende Zuid-Afrikaanse vliegtuigen het vuur op de Nederlandse pelotons. Ook dropten ze twee napalmbommen, die uitzonderlijk genoeg niet ontploften.
De Nederlanders maakten via radio-oproepen duidelijk dat ze bevriende militairen waren. Ook vormden ze een kruis, de voorgeschreven code bij aanvallen door bevriende vliegtuigen. Het hielp niets: pas na de derde aanval verdwenen de vliegtuigen. Twee Nederlandse militairen kwamen om.
Bijdragen
Reacties
Loading…
Inge
Jan
Zoeken naar items op Europeana