Top of this document
Go directly to navigation
Go directly to page content

Verhaal

Gratis reizen voor studenten

Rapporteer deze inhoud als ongepast
1990 – 

Eind jaren tachtig rezen de kosten voor de studiebeurs de pan uit. Op zoek naar mogelijkheden om te bezuinigen, sloot het Ministerie van Onderwijs een deal van 400 miljoen gulden met de vervoersbedrijven voor gratis studentenvervoer.

Vervolgens werden thuiswonende studenten veertig gulden gekort op hun beurs, en uitwonenden zestig. Dit zou jaarlijks zo'n 25 miljoen gulden moeten besparen.

De studenten waren woedend. Nu konden ze niet meer zelf kiezen waar ze die vier tot zes tientjes aan uitgaven. "Wat zou de volgende verkapte bezuinigingsmaatregel zijn?", vroegen ze zich af. "Voedselbonnen voor Albert Heijn?"

Uiteindelijk reikte Pim Fortuijn, als directeur van de OV-studentenkaart b.v., in 1990 dan toch de eerste kaart uit aan een Haagse studente Engels en maatschappijleer. Al gauw reisden de 600.000 studenten er lustig op los. Meestal voor de lol, maar sommigen wisten ook geld te verdienen aan hun gratis vervoer. Zo was Prins Bernard jr. één van de mede-oprichters van Ritzen Koeriers, een bedrijf dat studenten pakketjes per trein liet bezorgen.

Al deze reisjes bleken een dure grap voor de vervoersbedrijven. Daarom vroegen ze in 1994 bijna een miljard voor een nieuw contract. Omdat het Ministerie van Onderwijs dat niet kon betalen, werd de OV-studentenkaart opgesplitst in een weekend- of weekkaart. In 1997 werd de kaart zelfs bijna afgeschaft.

Reacties

Voordat je reactie wordt geplaatst, vragen we je je aan te melden.
Velden met een * zijn verplicht.