Verantwoordelijk voor Srebrenica, niet schuldig
Op 20 juli 2008 werd de oud-leider van de Bosnische-serviërs Radovan Karadzic opgepakt. Hij werd verdacht van genocide tijdens de Bosnische oorlog (1992-1995). Niet alleen voor zijn slachtoffers, ook voor Nederland was dit een belangrijke vangst.
Met
In 1995 beschermde ons leger in het Bosnische Srebrenica de moslimbevolking tegen de Serviërs. Maar toen de Bosnische-Serviërs de 7500 moslimmannen kwamen halen, konden de Nederlandse soldaten, onder andere vanwege hun beperkte mandaat, niet veel doen. Eén van de grootste volkerenmoorden van de na Tweede Wereldoorlog was een feit. Nederland stond er bij en keek er naar.
Deze schandvlek zit ons land nog steeds dwars. Het begon met de kritiek op de militairen, die zelfs een onstuimig feestje vierden toen ze Srebrenica verlieten. Daarna was de politiek aan de beurt. Hadden de lichtbewapende Dutchbatters wel naar zo’n gevaarlijk gebied mogen worden gestuurd? In 2002 viel Paars II over deze vraag. Minister-president Kok zei toen dat we geen schuld hadden, die lag bij generaal Mladic en Karadzic, maar verantwoordelijk waren we wel.
Inmiddels zochten de Srebrenica-veteranen eerherstel. In 2006 reikte minister Kamp van defensie de ’draaginsigne Dutchbat III’ uit, „als symbool van erkenning voor de ongeveer 850 militairen die in moeilijke omstandigheden naar eer en geweten hebben gefunctioneerd en ten onrechte gedurende langere tijd in een negatief daglicht zijn gesteld.” Grote kritiek laaide op over de onbehoorlijkheid van deze insigne.
Nederland zal nog wel een tijdje met de kwestie blijven worstelen. Gelukkig hebben we er wel iets van geleerd: zo moet de regering sinds 2000 het parlement veel uitgebreider informeren over militaire missies. Niemand wil een tweede Srebrenica op zijn geweten hebben.
Bijdragen
Reacties
Loading…
Wim
Zoeken naar items op Europeana