De Hongerwinter
Op 6 juni 1944 landden de Engelsen, Amerikanen en Canadezen in Normandië. Met deze invasie van de geallieerden (later D-day genoemd) leek voor Nederland het einde van de Tweede Wereldoorlog in zicht. Het machtige Duitse Rijk kraakte in zijn voegen.
-
Een hongerende vrouw in de hongerwinter, Amsterdam 1944-45
Foto: Ed van Wijk / Nederlands fotomuseum
Valse geruchten over een mogelijke intocht van geallieerden in Nederland vormden op 5 september 1944 de aanleiding tot 'Dolle Dinsdag'. Frankrijk en België waren namelijk snel bevrijd.
De bevolking raakte in een bevrijdingsroes. Nederlandse vlaggen werden uitgestoken en benauwde NSB-ers vluchtten op inderhaast gestolen fietsen. De vreugde bleek voorbarig. De bevrijding liet op zich wachten en het feestgedruis werd door de Duitsers hardhandig de kop ingedrukt.
Pas op 12 september kwam het Amerikaanse leger bij Eysden de grens over. Het Zuiden van Nederland werd bevrijd. Het Noorden bleef echter door fel verweer van de Duitsers nog ruim een half jaar bezet. Vooral in de Randstad brak nu de zwaarste periode van de bezetting aan. Er was nauwelijks voedsel en brandstof omdat de Duitsers alles naar Duitsland versleepten.
Mensen gingen radeloos op zoek naar eten, zelfs bloembollen werden een lekkernij. Gaarkeukens brouwden maaltijden uit vleesafval en zetmeel. In de zoektocht naar brandhout bleef geen boom staan, planken werden uit de vloer gehaald, bielzen vanonder de tramrails.
De houding van de bezetter werd alsmaar grimmiger. Honderden Nederlanders verloren hun leven doordat de Duitsers hun frustraties afreageerden. Die situatie van terreur duurde tot mei 1945. Op 5 mei werd het vuren gestaakt. De oorlog was afgelopen.
Kort tevoren was de buitenlandse noodhulp al op gang gekomen. Voedselpakketten van het Rode Kruis vielen uit laag overvliegende bommenwerpers naar beneden, als manna uit de hemel.
Bijdragen
Reacties
Laden...
Inge
Zoeken naar items op Europeana