Oosterscheldekering: de milieuactivist wint
Eeuwenlang stond het Nederlandse milieubeleid vooral in dienst van de volksgezondheid. Vervuiling was vervelend als mensen er last van hadden, maar bijna niemand maakte zich druk als jonge eendjes stierven in smerig water.
-
Foto: Vladimír Šiman, 2008 (Bron: Wikimedia Commons)
Zelfs de minister voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne die in 1971 werd ingesteld, hield zich niet met milieubeheer bezig. Nu kon hij ook weinig op dat gebied doen, zelfs al had hij het gewild: de ministerspost stelde weinig voor. Vijf partijen vormden een nieuwe regering, en om iedereen tevreden te stellen werden deze functie en het fanatasieministerie voor Wetenschappelijk Onderwijs en Wetenschapsbeleid bedacht.
Toch kwam er langzaamaan steeds meer oog voor milieuontwikkelingen op de lange termijn. Zo schokte het rapport De grenzen aan de groei van de Club van Rome in 1972 de wereld. Vooral Nederlanders waren geraakt door de voorspelling dat natuurlijke hulpbronnen als olie en gas snel opraakten: maarliefst de helft van de wereldwijde oplage van het rapport werd hier verkocht.
In diezelfde periode stonden milieuactivisten op die vonden dat de mens meer rekening met zijn omgeving moest houden. Dat die boodschap doordrong, bleek bij de bouw van de Oosterscheldekering. In de jaren zestig was begonnen de Oosterschelde volledig van zee afsluiten.
Maar na jaren van werken werd de bouw stilgelegd omdat milieuclubs massaal protesteerden. In 1976 werd de dam afgerond met sluisdeuren die open en dicht kunnen, waardoor de Oosterschelde toch zout kon blijven. De milieuactivisten hadden een belangrijke overwinning geboekt.
Bijdragen
Reacties
Loading…
Zoeken naar items op Europeana