Nederlandse Antillen en Aruba: bonte eilanden
Van bruin tot zwart en van rood tot wit: de Nederlandse Antillen en Aruba hebben een kleurrijke bevolking. Hoe komt dat eigenlijk?
Indianen waren de oorspronkelijke bewoners van de eilanden in het Caribisch gebied. Maar van de Nederlandse eilanden heeft alleen Aruba nog mensen met Indiaanse voorouders. Dat komt omdat er steeds nieuwe groepen mensen naar de eilanden kwamen die de indianen naar de achtergrond drongen.
In de zestiende eeuw kwamen op Curaçao en Sint Eustatius de eerste blanke protestantse en Joodse mensen wonen. De Joden kwamen eigenlijk uit Spanje, Italië en Portugal. Ze waren gevlucht naar Nederland omdat hun godsdienst in hun eigen land verboden was. Via Nederland gingen ze naar Curaçao, om handel te drijven. Samen met Nederlandse protestanten en later katholieken vormden ze de elite.
Vanaf 1640 gingen Nederlanders mensen uit West-Afrika halen om ze als slaaf op de eilanden te verkopen. De eilanden bleven tot de afschaffing van de slavernij in 1863 erg belangrijk voor de slavenhandel.
Veel Afrikanen werden via de eilanden naar de plantages in het zuiden van Amerika gebracht, maar veel bleven ook op de Antillen wonen. De zwarte cultuur is voor de Antillen en Aruba heel belangrijk geworden: kijk maar naar de populaire tambú-dans.
Rond 1915 kregen Curaçao en Aruba olieraffinaderijen, die veel nieuwe immigranten aantrokken, bijvoorbeeld uit Suriname, Colombia en Venezuela, of van andere Caribische eilanden. Maar indianen? Die zie je eigenlijk niet meer.
Bijdragen
Reacties
Loading…
Zoeken naar items op Europeana