Top of this document
Go directly to navigation
Go directly to page content

Crisis

1400 man ontslagen

Crisis op de scheepswerf

Rapporteer deze inhoud als ongepast
1983
/

Tijdens de economische crisis van de jaren tachtig stonden alle statistieken in het rood: de koopkracht daalde, de werkloosheid schoot omhoog.

Het hoogtepunt van de crisis lag in 1983, het jaar van de massaontslagen. Toen telde Nederland 639.000 werklozen, twaalf procent van de beroepsbevolking. De schattingen voor de toekomst waren nog erger, en wezen zelfs op ruim een miljoen werklozen. De overheid investeerde miljarden in de economie om de werkgelegenheid te behouden.

Onder meer scheepswerf Rijn-Schelde-Verolme (RSV) kreeg veel geld: in de loop der jaren ging er 2,2 miljard gulden aan overheidssteun naar de werf. Maar toch gingen de scheepsbouwers in 1983 failliet. RSV ging ten onder aan een grote overcapaciteit: het bleef in de jaren zeventig enorme olietankers bouwen, terwijl er in de markt nauwelijks nog vraag bestond door de oliecrisis. Een klassiek verschijnsel in tijden van economische krapte.

Mislukte projecten in Algerije en Amerika gaven de genadeklap. Grote golven ontslagen volgden. Bij één onderdeel, de Rotterdamse Droogdok Maatschappij, stonden in één dag bijna 1400 mensen op straat. Achthonderd van hen woonden in de Rotterdamse wijk Heijplaat.

Naar een goede poldertraditie waren werkgevers en werknemers al in 1982 begonnen met overleg. Tijdens het ‘wonder van Wassenaar’ bespraken zij dat ‘werk boven inkomsten’ ging. Veel Nederlanders leverden wat uren van hun werkweek in om zo andere banen te kunnen redden. Langzaam aan ging het daardoor weer beter met de economie, en kroop Nederland uit het dal.

Reacties

Voordat je reactie wordt geplaatst, vragen we je je aan te melden.
Velden met een * zijn verplicht.